In my time of Need - Opeth (18-07-2015)

Het is een menselijk fenomeen om alles in hokjes te proberen te plaatsen. Het is veilig voor ons, die duidelijkheid. Dat is in de muziek niet anders. Duidelijk te kwalificeren muziek is nu eenmaal makkelijker te verkopen, te plaatsen in winkels en allerlei andere rijtjes. Voor platenmaatschappijen is dat ook gemakkelijk om te weten hoe ze een plaat in de markt moeten zetten, en als elke plaat in hetzelfde genre past, zijn we niet verrast bij de nieuwe plaat, maar des te euforischer als we een nieuwe schijf met een blik van herkenning kunnen afdraaien. Is dat erg? Nee. Natuurlijk niet. Bands als AC/DC en Iron Maiden, maar ook de Katy Perry's, Wil.I.Am's en Afrojacks weten al jaren niet echt te verrassen.

 

De bands die dat wel durven, en vervolgens ook nog van hun platenlabel mogen, zijn op een hand te tellen. Paradise Lost is bijvoorbeeld zo'n band. Bij geen enkel album weet je zeker welke koers ze nu weer zijn ingeslagen, en daarom hebben ze ongeveer om de twee albums een nieuw platenlabel.

 

Het Zweedse gezelschapje Opeth is ook zo'n band. Opgericht in 1990, zijn de eerste 3 albums (Orchid, Morningrise, My Arms Your Hears) van de band nog duidelijke metal albums. Vanaf het album Still Life uit 1999 begint de band een een prog-rock kant te ontwikkelen. In 2001 verschijnt Blackwater Park, dat voor de band in 2001 een doorbraak in de Metal scene betekend, wat nog eens word geconsolideerd door het album Deliverance

 

En dan is het 2003 en nog geen half jaar na Deliverance verschijnt Damnation. Hierop grijpt de band enorm terug op jaren '70 prog-rock en zijn de typische metal-grunts compleet verdwenen. Opeth heeft dan een heel toegankelijk album gemaakt.

 

De twee daaropvolgende albums Ghost Reveries en Watershed grijpen weer terug naar de death-metal, maar de zuivere zang van Damnation keert ook weer terug en er zijn zelfs invloeden van jazz en blues te horen.

 

Met het verschijnen van het live album In Live Concert At The Royal Albert Hall, word al een tipje van de sluier opgeligt, waar Opeth's muzikale richting in zal gaan. De artwork op de hoes is bijna een een op een kopie van Deep Purple's Concerto for Band and Orchestra. Bij de daaropvolgende albums Heritage en Pale Communion, zijn de invloeden van Deep Purple en Rainbow overduidelijk aanwezig. Vooral bij het laatste album heb je het gevoel dat wijlen John Lord op de toetsen loopt te rammen.